De informatie op deze website wordt gegenereerd door real-time voorspellingssystemen. Voor de onbevaarbare waterlopen wordt een onderscheid gemaakt tussen het vereenvoudigde voorspellingssysteem OBM-Centrale en de gedetailleerde voorspellingssystemen OBM-IJzer, OBM-Dender, OBM-Dijle en OBM-Demer. OBM staat hierbij voor Operationeel Bekken Model en dit verklaart meteen dat de voorspellingsresultaten gebaseerd zijn op hydrologische en hydraulische modellen. Het eerste OBM-project werd opgestart in de Demervallei in 2003 en werd in 2009 geactualiseerd en aangepast. OBM-Dender is operationeel sinds 2007, OBM-Dijle sinds oktober 2008 en OBM-IJzer sinds oktober 2009. De VMM werkt momenteel aan gedetailleerde voorspellingssystemen voor de grotere onbevaarbare waterlopen in gans Vlaanderen, die in 2013 voor het publiek beschikbaar zullen gesteld worden.
OBM-Centrale
OBM-Centrale maakt uitsluitend gebruik van hydrologische modellen. Elk kwartier worden de gebiedsneerslagen er herberekend en worden de debieten voorspeld die met een QH-verband worden omgezet tot waterstandvoorspellingen. Als eerste neerslaggegevensbron wordt gebruik gemaakt van neerslagradardata met een resolutie van 1 op 1 kilometer die wordt aangeleverd door het KMI. Bij afwezigheid van radardata wordt teruggevallen op een berekende gebiedsneerslag vertrekkende van de metingen aan de referentie-pluviografen. Van beide producten komen elk kwartier nieuwe data ter beschikking. In de basistoestand worden de waterstandmetingen 8 maal daags uitgelezen waarna ze gebruikt worden voor het updaten van de voorspelde debieten. Indien OBM-Centrale in één van de 11 bekkens een verhoogde overstromingskans detecteert, worden de meetposten in dat bekken om het uur of om het kwartier uitgelezen.
Naast meetgegevens maakt OBM-Centrale ook gebruik van voorspelde neerslag. Tot 2 uur in de toekomst wordt gebruik gemaakt van eigen neerslagvoorspellingen op basis van de neerslagradardata. Van 2 uur tot 2 dagen vooruit gebruikt OBM-Centrale de resultaten van het numerieke Alaro-model van het KMI. In het geval deze voorgaande beelden ontbreken, wordt er teruggevallen op Britse neerslagvoorspellingen van het NAE-model (4x daags, met kwartierlijkse resolutie).
In de periode 2 tot 10 dagen vooruit wordt tenslotte gebruik gemaakt van 50 variante neerslagvoorspellingen toegeleverd door het ECMWF te Reading. Deze laatste gegevens zijn beschikbaar voor interpretatie door de operator, maar zijn niet zichtbaar op deze website.
OBM-Dender, OBM-Dijle, OBM-IJzer en OBM-Demer
De detail-voorspellers OBM-IJzer, OBM-Dender, OBM-Dijle en OBM-Demer maken eveneens gebruik van alle informatie die OBM-Centrale gebruikt. Het grote verschil is dat de omrekening van debieten naar waterstanden er in een groot aantal locaties gebeurt met behulp van een hydraulisch model. Dit model bevat o.a. om de 50 meter dwarsprofielen van de bedding van de waterloop, de oeverhoogte, de topografie van de vallei, wachtbekkens en andere infrastructuur en hun regeling, … Met de berekende waterstand in elk van deze locaties is het OBM-Dender in staat om voorspelde overstromingskaarten te berekenen langsheen 237 km van de waterlopen in het Denderbekken (waterlopen van eerste categorie en een deel van tweede en derde categorie). Door de grotere complexiteit duren de berekeningen wel één tot anderhalf uur. Elk uur worden de berekeningen opnieuw gedaan. OBM-Dijle berekent voorspelde overstromingskaarten langs 330 km waterlopen, OBM-IJzer langs 150 km waterlopen en OBM-Demer langs 250 km waterlopen.
De drempelwaarden bij OBM-IJzer, OBM-Dender, OBM-Dijle en OBM-Demer zijn anders bepaald dan bij OBM-Centrale. Ze kunnen rechtstreeks gekoppeld worden aan de resultaten van het hydraulische model. Zo is de toestand bij een niet-kritieke overstroming hier gekoppeld aan het peil waarbij één van de vele oevers bij simulatie in het hydraulische model begint te overstromen. Kritieke overstromingen worden gekoppeld aan het peil waarbij bebouwing in gevaar komt.